Klink

Mensen zoals ik kijken naar de klink. Dat wil zeggen: we kijken er vaker naar dan we ze aanraken. Dat kijken zorgt voor een gevoel van verbondenheid. Het versterkt ons in de wetenschap dat we niet alleen staan met onze hypercleane, neurotische afwijking. Plots zie je hem in de toiletten ook de pols gebruiken of haar de mouw subtiel naar beneden slopen alvorens de klink naar beneden gaat. Wij, de getroffenen, weten waarom dit gebeurt. Wij, de oplettenden, zijn vatbaar voor de verhalen over zeven soorten sperma aan de metrobuizen, over het percentage mensen dat zijn handen niet wast na de grote boodschap, over de urinespetters en de borrelnootjes. Wij, de observators, herkennen onze soortgenoten. We hebben medelijden met hen en met onszelf. Smetvrees, mild of pikant, is een vies, onzichtbaar beestje. Hoe ironisch is dat?

Toen ik vandaag in de krant zat te lezen wat actrice Evelien Bosmans zoal denkt over theater, ‘Amateurs’ en relaties, uitte ze zich spontaan zich als een lotgenote. Groenten uit Balen worden dus ook grondig gespoeld alvorens ze worden opgegeten. Vervolgens denk ik automatisch aan de praktische problemen waar een acteur zich geconfronteerd mee ziet. Dat acteursvolk, zo zegt de legende, dat knuffelt en dat snuffelt constant met en aan elkaar. Dat ziet mekaar mentaal en ook fysiek héél erg graag. Dat moet, (in dit specifieke geval) naast Jonas Van Geel op amoureuze basis, ook al eens een tegenspeler of twee, drie op professionele wijze binnendraaien. Dat moet, zomaar, met de blote hand, het naakte klokkenspel van Matteo Simoni bepotelen, enkel om Rocco Granata zijn welverdiende plaats in het collectief geheugen te bezorgen. Hoe dapper is dat? Evelien Bosmans is de held der smetvrezenden. Niet omdat ze Vlaanderen eigenhandig en volkomen onbaatzuchtig beschermt tegen een swaffelende Smos. Wel omdat ze haar dromen najaagt, met of zonder propere handen.

foto 2

Advertisements