Overdreven

Ik pak het leven graag met humor aan. Ook de zaken die helemaal niet om te lachen zijn. Zeker de zaken die niet om te lachen zijn. Bij de hashtag #wijoverdrijvenniet begaf ik mij op glad ijs. Met vlakke zolen. Ingesmeerd met bruine zeep. Bijna werd ik virtueel onder de voet gelopen door een horde schuimbekkende vrouwen. Overdreven, oordeelde ik al snel, geprikkeld door een miniem aantal macho’s die over net voldoende bloed beschikken om enkel hun penis of hun hersenen voldoende te draineren. Nooit de beide samen. Ik vrees dat die minderheid groter is dan ik durfde vermoeden.

Deze morgen werd ik op Facebook geconfronteerd met een krantenartikel (link hln) waarbij iemand de verkoop van een ‘gluurspiegel’ bij Bart Smit op de korrel nam. Het reclamebord toont een jongetje dat met behulp van een prul onder de rok van een meisje loert. De reacties waren van die aard dat ik mijn boterham spontaan opzij heb gelegd. En ik zweer het u: ik sla zelden een ontbijt over.

Een niet verwaarloosbaar aantal mannen, getuige de reacties, beschouwt kritiek op dit stuk ‘speelgoed’ als puriteins. Lachen, gieren, brullen mocht hun zoon dit doen. Al vraag ik mij wel af hoe ze reageren wanneer hun dochter thuiskomt met de mededeling dat er een of andere lolbroek met een spiegel tussen haar benen zat. Nog altijd lachen? Broederlijke high five met de dader? Of toch de neiging om hem zijn spiegelstokje rectaal terug te bezorgen?

Vervolgens heb je de kerels met het als schunnige nostalgie vermomde argument dat het perfect normaal is dat opgroeiende kinderen benieuwd zijn naar wat er onder de rok en achter de rits verborgen zit. Vroeger werd daar allemaal geen probleem van gemaakt. Klopt, we hebben allemaal doktertje gespeeld. Alleen heeft dat geen bal te maken met deze discussie. Dit is geen spel tussen leeftijdsgenootjes. We spreken hier over een commercieel bedrijf, gerund door een volwassene, die mij een paar euro’s uit mijn zak wil slaan (pun intended) door mij een prul te verkopen waarbij mijn zoon het perfect normaal moet vinden dat hij er onder iemands rok mee gluurt. De dag dat ik die klootzak help rijk te maken staat niet op de Gregoriaanse kalender want dat, bepaalde van mijn mannelijke vrienden, is wat ik noem: a f*cking golddiggin’ pervert. (Pardon my french).

Bepaalde mannen wierpen op dat vrouwen die daar niet mee kunnen lachen, maar beter de rest van hun leven een broek zouden dragen. Twee artikels verder zie je een van die kerels, niet gehinderd door enige hersenactiviteit, van leer trekken tegen hoofddoeken en boerka’s. ‘Achterlijk volk dat vrouwen oplegt wat ze moeten dragen’ en dergelijke. Een gelijkgestemde ziel wierp op om de solidariteitsactie ‘Je suis gleufdier’ op te starten. Ik leef in een tijdperk waarin swaffelen ‘woord van het jaar’ werd. Soms vrees ik dat de wereld zal vergaan nog voor de beschaving goed en wel begonnen is.

Bovenstaande heren wil ik dan ook graag het volgende laten weten: ik heb geen zin om met jullie geassocieerd te worden. Ik heb een bepaald gevoel voor humor waar niet iedereen zich altijd even makkelijk in kan vinden. Soms grof, soms verfijnd. Vaak dansend op de grens tussen die twee. Ik hou van satire, val bijwijlen ten prooi aan cynisme. Ik vind dat een verbale tackle soms met gestrekt been mag zijn. Maar ik heb het niet nodig om een vrouw als een bijkomstig stuk vlees rond de vagina te behandelen om mij meer man te voelen. Het is geen schande om de mensheid af en toe eens te bewijzen dat er aan iedere lul slechts één eikel hoeft te hangen …

gluurspiegel

Advertisements