Goud!

Ik vermoed dat er mensen zijn die mij achteraf gaan verwijten in dit betoog mee te surfen op een golf van emotie. Misschien hebben ze ten dele gelijk. Maar dat doet geen afbreuk aan de rationeel onderbouwde oproep die ik hieronder wil doen, aan de nuchtere overtuiging waarmee ik dit schrijf.

Toegegeven, ik was een van de meer dan 1 miljoen kijkers die op 27 oktober wezenloos naar het tv-scherm zaten te staren na afloop van de aflevering van ‘Het Huis’ met Marieke Vervoort als centrale gast. Programmamaker Eric Goens hield zijn format bewust sober en bouwde enkel een paar basiselementen (de jeugdkamer, de boomhut) in om gesprekken te vrijwaren van al te veel banaliteit. Met deze centrale gast was zelfs dat overbodig. Het stil getuige zijn van 24 uur uit het leven van deze topatlete had geen enkele opsmuk of katalysator nodig, de rauwe realiteit sprak voor zich.

Vandaag is Vervoort nog steeds aan het bekomen van de Belgische triomftocht op het WK atletiek voor paralympiërs in Doha (Qatar). Marieke won drie maal goud (100m, 200m, 400m), haar collega Peter Genyn was goed voor twee gouden plakken (100m, 400m).

De jaarlijkse verkiezing ‘Paralympiër van het jaar’ bestaat nog maar vijf jaar en Marieke mocht hem in 2012 al eens op de schoorsteenmantel zetten. De kans dat ze de trofee ook dit jaar weer wegkaapt, is groot. Toch gaan er meer en meer stemmen op om haar te nomineren voor de titel ‘Sportvrouw van het jaar’. Ik sta achter die gedachte. Niet omdat ze toevallig geniet van veel media-exposure en ze in België quasi alleen fungeert als uithangbord van de paralympische sportwereld. Wel omdat ze in mijn ogen op sportief gebied alle fysieke en mentale grenzen verlegt om haar sportieve doelstellingen te bereiken, en dat met minder loon, minder live publiek en minder professionele omkadering dan waar sporters uit meer bekende disciplines doorgaans wel op kunnen rekenen.

De verkiezingen, waarbij de Belgische Beroepsfederatie van Sportjournalisten fungeert als stemorgaan, hebben een mooie evolutie achter de rug. Sportman (1967), Sportvrouw (1975), Sportploeg (1997), Sportbelofte (1998), Paralympiër (2010), Sportcoach (2011) van het jaar … alles had zijn tijd nodig om tot volle wasdom te komen en iedere categorie verdient zijn plaats in de spotlights. Maar zou het niet verdomd mooi zijn mocht 2015 geboekstaafd worden als het jaar waarin bepaalde grenzen tussen die categoriëen gesloopt werden? Niet uit sympathie, niet uit medelijden, maar enkel gebaseerd op de puurste essentie van topsport: het behalen van opzienbarende sportresultaten binnen een bepaalde discipline.

Drie maal goud zou wat mij betreft ruim moeten volstaan voor die nominatie.

D!

Bovenstaande opinie verscheen op 04/11 in dS Avond, de digitale avondeditie van De Standaard.

Mariekevervoort

Advertisements