Werk van barmhartigheid

Ik ben het soort mens dat naar een hamburgerkraam stapt, naar de op een aan de randen zwartgeblakerde, scheef getrokken bakplaat vol worsten en hamburgers kijkt en zich afvraagt hoe lang dat spul al ligt te sputteren. Ik observeer de in bloemetjesschort gehesen vrouw aan het hoofd van deze mobiele keuken. Er is veel vrouw en veel te weinig bloemetjesschort om alles smakelijk te verhullen. Zweetpareltjes en donkere snorharen. Een gat waar ooit een tand zat. Hoeveel kermissen, hoeveel koersen, hoeveel carnavals? Hoeveel zatte en nuchtere hongerigen werden al door deze met net iets te lange nagelranden uitgeruste handen gespijsd? Barmhartiger wordt een werk zelden. De ajuin is een vormloze, kronkelende massa geworden, een orgie van bolgewas met een overdaad aan boter als glijmiddel. Er wordt bier in blik verkocht. En bier in blik. En bier in blik. De dorstigen laven. Al het tweede werk van barmhartigheid. Aflaat verdiend. De trekhaak aan en rijd haar los de eeuwige kermis die de hemel ongetwijfeld is naar binnen.

Met geoefende hand opent zij een pistolet en mikt er een hopelijk niet uit Braziliaans vlees samengestelde worst en een kwak ajuin tussen.

“Curryketchup of tomaat?”, zegt zij tegen niemand in het bijzonder.

Drie afgemeten rukken aan de hendel kleuren de ingewanden van het broodje rood.

“Drie euro asteblieft.”

En nu maar hopen dat er straks geen zieken te verzorgen zijn.

Of doden te begraven.

burger

Wasdraad

De wasdraad van mijn grootmoeder hing eerder slap tussen twee betonnen palen. Op mooie dagen hingen er kleurrijke kleedjes aan te drogen. Bloemenmotieven op een vormloze lap katoen tot onder de knie. Op hun plaats gehouden door houten wasspelden die ook als knutselmateriaal moesten dienen om een servettenhouder of een kruisbeeld mee te maken. ‘s Zondags hing er niets aan de groene draad. Op zondag moesten de duiven van grootvader vallen. Tenminste, als de begeleiders uit Quiévrain ons niet lieten wachten. Er werd niet gevoetbald in de tuin wanneer er ‘komkomkom’ uit de dakkapel weerklonk. Een beetje kind uit de jaren tachtig wist dat. Wij supporterden hevig voor de duiven. Hoe sneller ze vlogen, hoe sneller wij terug konden voetballen. De wasdraad werd toen deklat. Wat best een dankbare taak was in vergelijking met wat de draad rond mijn achtste te verduren kreeg.  Toen hing er plots een konijn aan de groene draad. Zonder jas en zonder hoofd. Gewoon, te hangen. In zijnen bloten. Voor dat konijn supporterden wij al veel minder.

serviet

Bosduif

Een diepe zucht waarbij mijn volledige longinhoud enkel door de neusgaten naar buiten wordt geblazen. Daar begint het mee. Vervolgens tel ik in mijn chaotische hoofd tot tien en probeer ik mij te verschuilen onder het dunne laagje beschaving waarmee ik en de grote meerderheid van de populatie ons dagelijks trachten te camoufleren. Soms lukt dat. Soms lukt dat niet. Wanneer voor de zoveelste keer een zekere Johan T. op mijn eigen tijdlijn komt lullen over de (volgens hem verzonnen) milieu- en klimaatproblematiek, voel ik mij plots meer Alex Agnew dan Wouter Deprez. Wanneer dat soort mensen alweer (!) en onder de zoveelste irrelevante (!) topic komt aanzetten met ‘wetenschappelijke’ artikels van sites waar penisverleningen en UFO-waarnemingen hand in hand gaan met de heiligverklaring van Donald Trump, dan heb ik het even gehad. Iedereen heeft recht op zijn eigen mening, dat klopt, maar heel soms hangen sommige meningen mij gewoon even de keel uit. Mijn excuses daarvoor.

Ik ben geen wetenschapper. Ik weet niet uit eigen onderzoek hoe groot de invloed is van het menselijk gedrag op de klimaatverandering. Dat geef ik graag toe. Maar ik weet wel dat we, naast de meest ontwikkelde en potentieel meest hoopgevende diersoort, ook de vortste, vuilste, smerigste, meest vervuilende bende kuddebeesten zijn die de evolutie ooit heeft voortgebracht. Vergeef het mij dus dat ik, in naam van lijf en leden van mijn en uw nageslacht, af en toe tracht aan te kaarten dat onze water-, lucht-, en algemene levenskwaliteit toch iet of wat te lijden heeft onder onze huidige levensstijl. U mag het daar trouwens gerust oneens mee zijn. Daar heb ik geen enkel probleem mee. Alleen hoeft u dat niet onder iedere foto die ik post te komen verkondigen. Wat u op uw tijdlijn plaatst is uw keuze. De mijne kent mijn grenzen. MIJN grenzen. Vrije meningsuiting is immers een beetje als brood strooien voor de vogeltjes; je hoopt op het afwisselende getsjirp van roodborstjes, huismussen, vinken en sijsjes. Alleen moet je quasi altijd vaststellen dat er steeds een lompe bosduif langskomt die de helft van het terras vol schijt.

schermafbeelding-2017-03-03-om-10-46-21

… to the fullest

Ongeloof, woede en onmacht. Verdoving zelfs.

Daarna komt gemis.

Gemis, en de overtuiging dat het leven verdomd onrechtvaardig kan zijn.

Beste Ben,

beste vrolijke, sterke, actieve, goedlachse, sportieve, brandwerende Ben.

Wie dicht bij je stond, wie je beter kent dan ik; je familie en schoonfamilie, je Maaike, je kameraden-pompiers, je wielerwonderen, je massa vrienden … ieder van hen kan hier gemakkelijk een paar superlatieven tussen plakken. En hoewel de wurgende emotie van een verlies dat zou durven doen, herhaal ik overtuigd dat geen enkele overtreffende trap zelfs maar een beetje misplaatst zou zijn.

Ik kende je amper een paar jaar en ik ben blij dat ik dat voorrecht heb gehad. Het voelde vanaf de eerste minuut zo natuurlijk om jou, nog maar een paar weken geleden, aan die familietafel te hebben. Geef de tomaten godverdomme nog eens door jong.

Het verveelde nooit om met jou over koers of voetbal of TW Classic of whatever te praten. Om op de ‘Platte Plotjes’ aan den Déjà nog een voorlaatste pint te drinken en vervolgens verschrikt op te merken dat de zon al op is. Om je samen met Maaike te zien. Maaike, die net dàn een bezorgde sms stuurt om te vragen waar je blijft, waarna je – toegegeven – licht beschonken maar op een totaal ander niveau toch heel nuchter weet te vertellen hoe graag je haar ziet. De wederzijdsheid van die liefde was haast voelbaar. We gaan zorg voor haar dragen. En zij voor ons. Dat is beloofd.

Ik ken weinig mensen van jouw leeftijd die zo gedreven leefden als jij. Vergeet dat van die leeftijd, ik ken tout court weinig mensen die zo gedreven leefden als jij. Tussen werk en brandweer in nog schijnbaar makkelijk een koers winnen, een festivalletje meepikken, de trainingskilometers op Strava nog wat de hoogte injagen of gewoon gemoedelijk een pint drinken en over de pijnlijke knie wrijven. Mensen als ik worden al moe van te denken aan wat mensen als jij in één dag wisten te proppen. Je deed meer kilometers met de fiets dan ik met de fiets en te voet en met de auto samen. Ik hoop dat die gedrevenheid voor je familie en inner circle een kleine troost mag zijn. De wetenschap dat je de dagen van je veel te korte leven bewust en energiek hebt gevuld, dat iedere minuut haast dubbel heeft geteld. You lived your life to the fullest. Wat mij betreft mogen ze een foto van jouw karakterkop naast die slagzin plakken.

Ik hou niet van de bergen en ik hou niet van de sneeuw.

En ik vrees dat het er na vandaag ook niet op zal beteren. En toch, toen ik op donderdagavond een foto van de Franse Alpen op je Instagram zag verschijnen, dacht ik: Dju, man, dat is daar godverdomme schoon.

‘A first time for everything!’, was je bijschrift. Ergens vind ik het een mooie gedachte dat je daar, op dàt unieke moment, in het leven stond zonder ook maar één seconde te moeten beseffen dat er ook last times bestaan.

Het ga je goed, Flandrien, je wordt niet vergeten.

Dimi

benm

Miss Lachend Kakske

Herinnert u zich de film Minority Report nog? Tom Cruise vertolkt de rol van John Anderton; politiecommissaris en anderhalve meter hoog meter sekssymbool. Met behulp van een futuristische machine rekent hij moordenaars in nog voor ze zijn overgegaan tot hun misdaad. Slecht voor de tewerkstelling bij CSI’s allerhande maar best wel handig voor het potentiële slachtoffer. Science fiction, uiteraard.

Maar gelukkig hebben we tegenwoordig wel machines die gedachtenmisdaden tot ver in het verleden opsporen. Facebook, Twitter en Instagram zijn in wezen niets meer dan een chronologisch naslagwerk van het leven van een paar miljoen gebruikers. Hoewel je vandaag met één klik een – al dan niet misplaatste – grap of foto of opmerking achteloos met je virtuele vrienden kan delen, hoeft dat wat mij betreft niet te betekenen dat je daar morgen op nationale schaal moet worden op afgerekend. Pas verkozen Miss België Romanie Schotte kan er van meespreken. Een emoticon van een ondertussen als ‘lachend kakske’ geboekstaafd virtueel drolletje bij een selfie waar in de achtergrond een zwarte medemens een beetje zuur staat te kijken, werpt een smet op haar glimmende tiara nog voor ze haar eerste lintje heeft doorgeknipt. Unia, de organisatie die discriminatie bestrijdt in (naar eigen zeggen) een geest van samenwerking, dialoog en respect, opent een dossier wegens cyberhaat. Hoewel ik racisme openlijk veroordeel en een natuurlijke afkeer heb van clowns die er zich er aan bezondigen, weiger ik iedereen die ooit een aangebrande grap of opmerking maakte als volbloed racist of seksist of gelijk wat te bestempelen. Sterker nog, ik ben plots heel gelukkig dat ik mijn jeugdjaren zonder sociale media heb kunnen doorbrengen. Ik ga hier niet al mijn jeugdzondes opbiechten (mijn moeder overleeft het niet) maar er zijn er wel wat. Ik ben vooral blij dat mijn zonden veelal vergeten zijn en vooral: ze niet geprojecteerd worden op de persoon die ik vandaag ben.

Misschien moet Unia toch eens meer werk maken van een prioriteitenlijst alvorens ze een kakelvers kuiken van 19 dat net een badpakkenwedstrijd heeft gewonnen levenslang brandmerken als de pin-up babe van de Ku Klux Klan. Ik zie trouwens enkel voordelen bij zo’n aanpak: hard racisme verdient en krijgt een harde aanpak, Unia zal enkel aan geloofwaardigheid winnen en Romanie Schotte kan er, en ik citeer nogmaals de website ‘in samenwerking, dialoog en respect’ op gewezen worden dat een lachend kakske naast een ongewild gefotografeerde zwarte man inderdaad ongepast is. Het is dat of haar uit haar functie ontzetten en beginnen screenen of de eerste eredame haar roodharige vriendin nooit heeft uitgemaakt voor ‘vuile rosse’, ergens in 2011 of zo.

schermafbeelding-2017-01-17-om-19-50-23

 

Als Gent me roept …

“Als Gent me roept, stop ik als kamervoorzitter”, alzo klonk de altruïstische belofte van ene Siegfried Bracke, televisiemeneer in een vorig leven, politicus in het huidige. Ik probeer mij daar iets bij voor te stellen, bij die roep. Een ontevreden Gentenaar die bij valavond zenuwachtig langs de Kraanlei schuifelt, de aardse verlokkingen van het Patershol amper weerstaand, om zo zwetend en zuchtend het Sint Veerleplein te bereiken. Snel nog een jeneverke in café ’t Geduld en dan, zo veel mogelijk de schaduw opzoekend, langs de grote poort het Gravensteen binnen om vervolgens op de hoogste toren de lamp te ontsteken. Tussen de pieken van het Belfort en Sint-Baafs, tegen de grauwe, mistige skyline van de Artveldestad, tekent zich in ware Batmanstijl een heldere helfie af. Vanuit een raam uit het iets verderop gelegen stadhuis klinkt een boosaardige kreet. Daniël Termont slaat woedend op zijn bureau. Door de luchtverplaatsing valt er een btw-bonnetje van een bistro uit Cannes van zijn bureau. Hij lacht, hij huilt, hij schreeuwt zoals enkel The Joker dat kan. De roepende Gentenaar zijn taak zit er nu op. Hij wandelt rustig richting Stalhof. Een pint in café Den Drummer is zijn verdiende beloning. Ongeveer 50 kilometer verderop, in de Brusselse Wetstraat, ziet Siegfried de helfie tegen de hemel verschijnen. Hij trekt zijn rubberen maatpak aan en kruipt achter het stuur van de Bartmanmobiel. De roep van Gent valt niet in dovemansoren.

Kris en Annemie, Jean-Jacques en Bart, Caroline en Rik. Als een stad of gemeente roept, worden domicilies aangepast en ego’s opzijgezet. Dit soort dienstbaarheid is niet gebonden aan links of rechts, aan kleur of partij. De politieke superheld staat klaar om zich op te offeren. Alles om het volk ter wille te zijn. Guy hoort zelfs een volledig continent om zijn visionaire hulp smeken.

Vorige week las ik een krantenartikel over het Engelse dorp Frome. Jarenlang trokken de ongeveer 30.000 inwoners geconditioneerd naar de stembus om de 17 zitjes traditioneel te verdelen tussen Conservatives en Liberal Democrates, die mekaar vervolgens vier jaar tegenwerken om dan opnieuw campagne te voeren. Dat alles ging zijn gangetje tot een zekere Peter Macfadyen in 2011 de ‘flatpack democracy’ in het leven riep en met een lijst onafhankelijke kandidaten naar de verkiezingen trok. Democratie voor en door de burger, zowel praktisch als theoretisch, niet geleid door beroepspolitici. De burgerbeweging haalde direct een meerderheid met 10 verkozenen en gooide het politieke roer volledig om. Alle vastgeroeste dogma’s werden aangepakt. De burgemeester werd vanaf dan om het jaar gewisseld. Er kwam zoveel dynamiek in het ingedommelde gehucht dat zelfs het dalende bevolkingscijfer plots een piek nam. De verkiezingen van 2015 moesten de ultieme lakmoesproef worden. De onafhankelijke burgers haalden toen … 17 van de 17 zetels binnen. Sindsdien wordt er in Frome veel minder geroepen. En al zeker niet meer om de hulp van politieke superhelden.

D!

alsgentmeroept

Beste Facebook, liefste gore k*tcensor

Er is voor alles een eerste keer. En dus besloot het grootste sociale netwerkplatform ter wereld mij te censureren. Een donderslag bij facebookblauwe hemel. Blijkbaar was mijn laatste schrijven aanstootgevend en dus moet ik 24 uur in de virtuele strafhoek staan. Mijn (ondertussen ruim gedeelde) blogpost werd eenzijdig en zonder mogelijkheid op weerwoord verwijderd. Dit zowel op mijn wall als op de ‘Vrolijk relativerende liga ter bestrijding van azijnpis en verzuring’ waar ik al jaren, onder het pseudoniem D! mij ei kwijt kan.

Het stuk dat niet door de beugel kon had als – toegegeven, weinig stichtende – titel ‘Beste Roland, liefste gore kutracist’ (u kan het vinden door HIER te  klikken). Het onderwerp: de onverholen platvloerse en racistische praat die probleemloos op sociale netwerken kan gedijen zonder enig weerwerk van het medium of de beheerders. Hoort u de klokken van de ironie ook al in de verte luiden? Mijn protest heb ik via een goed verstopte link aan de onzichtbare uitvoerder van het vonnis overgemaakt. Het zou mij echter verbazen mocht deze binnen de tijdspanne van de opgelegde ban een antwoord formuleren op mijn vragen. Het is maar dat ik graag had geweten wat nu net de reden van deze ingreep is. Vermoedelijk, maar dat is dus werkelijk een gok, draait het om het dialectische gebruik van de vagina in de titel van mijn stuk. Kut vind ik dat. Inhoudelijk zie ik immers weinig graten, maar bon, bij een deus ex machina zonder duiding heeft een mens er natuurlijk het raden naar.

De aanleiding van het gedeelde stuk was de stroom van racistische reacties op de dood van een landgenoot bij de terroristische aanslag op een dancing in Turkije. Blijkbaar zijn dit soort mensen van mening dat iedereen op basis van de minste afwijkende tint in het huidpigment serieus moet integreren, maar als die jongeman zich met een glas in de hand en enigszins heupwiegend gaat ontspannen in een dansgelegenheid in een zonovergoten land (is er iets Belgischer dan dat verlangen?) is hij plots niet langer ‘enen van ons’. Wel excuseer mij zeer, liefste gore dialectische vaginaracist, maar spaar uw walging voor de lafaard van IS die de trekker overhaalt en niet voor de jonge gast die door zijn kogel het leven liet.

Ik probeer hier echter het positieve van in te zien. Als het voor Facebook immers opportuun en vooral technisch haalbaar is om bijdrages zoals die van mij zonder discussie en relatief snel te verwijderen, dan moet dat zeker lukken met overduidelijk platvloerse, seksistische, walgelijke, beledigende, racistische … berichten die zo welig op hun platform tieren maar tot op heden ongemoeid werden gelaten. Als dat geen goed nieuws is!

PS: ik zou dit en de originele post uiteraard graag terug op Facebook willen gooien, maar helaas is dit momenteel technisch onmogelijk, met dank aan de grote censor.

PPS: de * in de titel staat uiteraard voor de letter ‘a’

fullsizerender-4