Als Gent me roept …

“Als Gent me roept, stop ik als kamervoorzitter”, alzo klonk de altruïstische belofte van ene Siegfried Bracke, televisiemeneer in een vorig leven, politicus in het huidige. Ik probeer mij daar iets bij voor te stellen, bij die roep. Een ontevreden Gentenaar die bij valavond zenuwachtig langs de Kraanlei schuifelt, de aardse verlokkingen van het Patershol amper weerstaand, om zo zwetend en zuchtend het Sint Veerleplein te bereiken. Snel nog een jeneverke in café ’t Geduld en dan, zo veel mogelijk de schaduw opzoekend, langs de grote poort het Gravensteen binnen om vervolgens op de hoogste toren de lamp te ontsteken. Tussen de pieken van het Belfort en Sint-Baafs, tegen de grauwe, mistige skyline van de Artveldestad, tekent zich in ware Batmanstijl een heldere helfie af. Vanuit een raam uit het iets verderop gelegen stadhuis klinkt een boosaardige kreet. Daniël Termont slaat woedend op zijn bureau. Door de luchtverplaatsing valt er een btw-bonnetje van een bistro uit Cannes van zijn bureau. Hij lacht, hij huilt, hij schreeuwt zoals enkel The Joker dat kan. De roepende Gentenaar zijn taak zit er nu op. Hij wandelt rustig richting Stalhof. Een pint in café Den Drummer is zijn verdiende beloning. Ongeveer 50 kilometer verderop, in de Brusselse Wetstraat, ziet Siegfried de helfie tegen de hemel verschijnen. Hij trekt zijn rubberen maatpak aan en kruipt achter het stuur van de Bartmanmobiel. De roep van Gent valt niet in dovemansoren.

Kris en Annemie, Jean-Jacques en Bart, Caroline en Rik. Als een stad of gemeente roept, worden domicilies aangepast en ego’s opzijgezet. Dit soort dienstbaarheid is niet gebonden aan links of rechts, aan kleur of partij. De politieke superheld staat klaar om zich op te offeren. Alles om het volk ter wille te zijn. Guy hoort zelfs een volledig continent om zijn visionaire hulp smeken.

Vorige week las ik een krantenartikel over het Engelse dorp Frome. Jarenlang trokken de ongeveer 30.000 inwoners geconditioneerd naar de stembus om de 17 zitjes traditioneel te verdelen tussen Conservatives en Liberal Democrates, die mekaar vervolgens vier jaar tegenwerken om dan opnieuw campagne te voeren. Dat alles ging zijn gangetje tot een zekere Peter Macfadyen in 2011 de ‘flatpack democracy’ in het leven riep en met een lijst onafhankelijke kandidaten naar de verkiezingen trok. Democratie voor en door de burger, zowel praktisch als theoretisch, niet geleid door beroepspolitici. De burgerbeweging haalde direct een meerderheid met 10 verkozenen en gooide het politieke roer volledig om. Alle vastgeroeste dogma’s werden aangepakt. De burgemeester werd vanaf dan om het jaar gewisseld. Er kwam zoveel dynamiek in het ingedommelde gehucht dat zelfs het dalende bevolkingscijfer plots een piek nam. De verkiezingen van 2015 moesten de ultieme lakmoesproef worden. De onafhankelijke burgers haalden toen … 17 van de 17 zetels binnen. Sindsdien wordt er in Frome veel minder geroepen. En al zeker niet meer om de hulp van politieke superhelden.

D!

alsgentmeroept

Beste Facebook, liefste gore k*tcensor

Er is voor alles een eerste keer. En dus besloot het grootste sociale netwerkplatform ter wereld mij te censureren. Een donderslag bij facebookblauwe hemel. Blijkbaar was mijn laatste schrijven aanstootgevend en dus moet ik 24 uur in de virtuele strafhoek staan. Mijn (ondertussen ruim gedeelde) blogpost werd eenzijdig en zonder mogelijkheid op weerwoord verwijderd. Dit zowel op mijn wall als op de ‘Vrolijk relativerende liga ter bestrijding van azijnpis en verzuring’ waar ik al jaren, onder het pseudoniem D! mij ei kwijt kan.

Het stuk dat niet door de beugel kon had als – toegegeven, weinig stichtende – titel ‘Beste Roland, liefste gore kutracist’ (u kan het vinden door HIER te  klikken). Het onderwerp: de onverholen platvloerse en racistische praat die probleemloos op sociale netwerken kan gedijen zonder enig weerwerk van het medium of de beheerders. Hoort u de klokken van de ironie ook al in de verte luiden? Mijn protest heb ik via een goed verstopte link aan de onzichtbare uitvoerder van het vonnis overgemaakt. Het zou mij echter verbazen mocht deze binnen de tijdspanne van de opgelegde ban een antwoord formuleren op mijn vragen. Het is maar dat ik graag had geweten wat nu net de reden van deze ingreep is. Vermoedelijk, maar dat is dus werkelijk een gok, draait het om het dialectische gebruik van de vagina in de titel van mijn stuk. Kut vind ik dat. Inhoudelijk zie ik immers weinig graten, maar bon, bij een deus ex machina zonder duiding heeft een mens er natuurlijk het raden naar.

De aanleiding van het gedeelde stuk was de stroom van racistische reacties op de dood van een landgenoot bij de terroristische aanslag op een dancing in Turkije. Blijkbaar zijn dit soort mensen van mening dat iedereen op basis van de minste afwijkende tint in het huidpigment serieus moet integreren, maar als die jongeman zich met een glas in de hand en enigszins heupwiegend gaat ontspannen in een dansgelegenheid in een zonovergoten land (is er iets Belgischer dan dat verlangen?) is hij plots niet langer ‘enen van ons’. Wel excuseer mij zeer, liefste gore dialectische vaginaracist, maar spaar uw walging voor de lafaard van IS die de trekker overhaalt en niet voor de jonge gast die door zijn kogel het leven liet.

Ik probeer hier echter het positieve van in te zien. Als het voor Facebook immers opportuun en vooral technisch haalbaar is om bijdrages zoals die van mij zonder discussie en relatief snel te verwijderen, dan moet dat zeker lukken met overduidelijk platvloerse, seksistische, walgelijke, beledigende, racistische … berichten die zo welig op hun platform tieren maar tot op heden ongemoeid werden gelaten. Als dat geen goed nieuws is!

PS: ik zou dit en de originele post uiteraard graag terug op Facebook willen gooien, maar helaas is dit momenteel technisch onmogelijk, met dank aan de grote censor.

PPS: de * in de titel staat uiteraard voor de letter ‘a’

fullsizerender-4

Zoen mijn testikels met je hypercorrecte samenleving

Als ik iemand de hand wil drukken ben ik volgens Els Keytsman, directrice van Unia, etnocentrisch bezig. Mij best, handjes geven in het griepseizoen was nooit mijn favoriete bezigheid. Volgende keer kan ze een vuistje krijgen, dat schijnt in te zijn. Volgens Céline Delforge, Brussels parlementslid voor Ecolo, moet ik op het openbaar vervoer mijn zithouding beter verzorgen. Wanneer ik iets te wijdbeens zit doe ik immers aan manspreading, wat er in de praktijk op neerkomt dat er iets in mij schuilt dat het midden houdt tussen een macho en een potentiële verkrachter. Oké, ik probeer er aan te denken, maar langs de andere kant werd ik door het ministerie van volksgezondheid ook al gewezen op de gevaren van te veel druk op de voortplantingsorganen, wat tot onvruchtbaarheid kan leiden. Ik pleit dus voor een wetsvoorstel waarbij de maximale afstand tussen de mannelijke knieën wordt bepaald door een wiskundige formule waarbij de omvang van de balzak en de afmetingen van een metrozitje als variabelen worden beschouwd. Het vooral vrouwelijke gebruik, waarbij tassen, als ware het imaginaire vrienden, een zitplaats toegewezen krijgen, schijnt dan weer shebagging te heten. In mijn ogen was dat tot op heden gewoon niet gender gerelateerde onbeleefdheid. Sorry daarvoor.

In Aalst besloten NVA, CD&V en SD&P ooit samen om het staatsieportret van het koningshuis, wegens niet meer van deze tijd, naar het containerpark te dragen. Klein gevaarlijk afval of historisch recycleerbaar, ze zijn er daar nog steeds niet aan uit. In Holsbeek echter staat de NVA op haar achterste poten omdat de kerststal uit het gemeentehuis wordt verbannen. De uitwijzing van de plaasteren os en ezel zou een aanval op onze normen en waarden zijn. Theo Francken die een symbool verdedigt dat de verwaarlozingen der vluchtelingen uitbeeldt, een mens zou voor minder op plezierreis naar Libanon vertrekken.

Gisteren wrongen ze zich nog in semantische bochten omdat hun achterban niet echt happig is op spreekwoordelijke regenboogpieten, vandaag zijn Dyab en zijn 14 vrienden van Movement X boos omdat Zwarte Piet nog steeds in onze contreien rondwaart. Kiest u er voor om uw nageslacht dat kinderfeest nog steeds te laten ondergaan, dan bent u een postkoloniaal racist die de verschrikkelijke wan- en misdaden van Leopold II ontkent, zelfs stilzwijgend goedkeurt. Filip De Winter, en in zijn zog een legioen online schreeuwers die de éénwenkbrauwige als oppergod beschouwen, springen dan weer op de barricaden om deze traditie met hand en tand te verdedigen. Zeg nog eens dat het met deze wereld niet de goede kant uitgaat wanneer terstond bekeerde racisten vechten voor de verblijfsvergunning van een zwarte kindervriend.

Maartje Luif, schrijfster, pleit dan weer voor een 2017 dat vrij is van Nederlander-bashing. Voor de gelegenheid sleurt zij er een poll van Studio Brussel uit 2015 bij waarin ‘den ollander’ afgetekend verkozen werd tot meest ergerlijke fenomeen op de zomerfestivals. Zij klopten nipt smerige toiletten en natuurrampen. Ik probeer er zeker aan te denken wanneer er de volgende keer iemand “Gaat ie lekker buurman?” roept terwijl hij midden in de nacht tegen mijn iglotent staat te pissen. (volgens de zelfuitgeroepen unie tegen taalverloedering moet ik plassen schrijven, maar bon, ik ben Jeroen Meeus niet, ik hoef mij daar niet aan te houden.) Ik stel trouwens voor om, bij wijze van protest, StuBru tijdens de warmste week links te laten liggen en massaal naar Radio Maria te luisteren. Eat that, Linde en Eva!

De hypercorrecte samenleving is voor sommigen een doel geworden. Mij komt ze echter steeds vaker over als een mijnenveld van lange tenen waarin het onmogelijk is om, zelfs met de beste bedoelingen, niemand voor het hoofd te stoten. Ik ga open met u zijn; ondanks het feit dat ik vrouwenrechten als een onaantastbare evidentie beschouw, heb ik al aangebrande moppen verteld; ondanks het feit dat ik racisme haat, heb ik mij al geërgerd aan bepaalde negatieve uitwassen van de multicultuur; ondanks het feit dat ik van Nederland hou, heb ik sommige van zijn burgers al eens vervloekt; ondanks het feit dat ik de historische feiten achter Zwarte Piet wel vat, misprijs ik het belerende vingertje dat alles op één dag wil veranderen; ondanks het feit dat ik zware bedenkingen heb bij zowel religie als koningshuis, beschouw ik de drang om alle verwijzingen te verbannen als de magerste vorm van neutraliteit. En net omdat ik mij heel bewust ben van de zekerheid dat ik, net zoals haast iedereen, faal en struikel … hou ik van een wereld waarin falen en struikelen tot op bepaalde hoogte toegelaten is. Dat van elkaar aanvaarden lijkt mij stukken leefbaarder dan schreeuwerig streven naar een hypercorrecte, steriel neutrale maatschappij.

Maar die conclusie hoeft u van mij uiteraard écht niet te onderschrijven of te weerleggen.

dothis

The hell of Jingle Bell

Dimitri Verbelen

Eenmaal per jaar scheurt de duivel de korst van de aarde open en pleurt hij de hel naar buiten. Beëlzebub haalt zijn sweater met kerstmotief uit de kast. Het vagevuur brandt gefragmenteerd in gietijzeren korven, knetterende houtblokken vullen de longen met fijn stof en gezelligheid. Te midden een decor van spar en spaanderplaat wordt u in plastic verpakte gemütlichkeit aangeboden. Dit alles tegen democratische prijzen. Pretzels en oliebollen, droge worsten en lichtgevende hoofddeksels zuigen de oogballen der onschuldigen uit hun kassen. In een artificieel dorp van houten chalets, bemand door zijn discipelen, brouwt de gehoornde glühwein die smaakt alsof er een koortsige kerstman in je wijn heeft gepist en chocomelk op basis van goedkoop cacaopoeder en kinderzieltjes.  De volgestouwde buggy’s laveren over kasseien en onderkoelde tenen. Het nageslacht kreunt gulzig bij de aanblik van gesuikerde appels en rendierhoedjes. Dieselgeneratoren draaien overuren om een oververhitte planeet luttele vierkante meters schaatsplezier te schenken. Kleine…

View original post 63 woorden meer

Boekverbranding

“Boekverbranding of libricide is een verschijnsel van alle tijden waarbij de verbranders onwelvallige boeken, geschreven teksten en mediadragers, meestal publiekelijk en ritueel verbranden. Het motief voor boekverbranding komt neer op censuur op morele, religieuze en politieke gronden” (Wikipedia).    Tot zover de definitie. De lijst van voorbeelden is lang en laveert van Chinese keizers tot de Da Vinci Code, gretig slalommend langsheen dictaturen van zowel linkse als rechtse strekking.

Aangezien zo’n boekverbranding door de eeuwen heen aardig gedemodeerd geraakt is maar vooral ook nadelig blijkt te zijn voor de al overvloedige aanwezigheid van fijn stof in de lucht, keert men zich tegenwoordig graag tot het tweede beste alternatief, zijnde de roep tot ontslag van een auteur naar keuze. Vandaag viel deze twijfelachtige eer te beurt aan Annalisa Gadaleta, schepen in de gemeente Molenbeek voor Groen. De aanleiding: een boek over haar gemeente waarin ze taboeloos problemen probeert te benoemen. Wie Molenbeek een beetje kent, beseft dat je zelfs met een mening over pakweg Pokémonkaarten minstens één bevolkingsgroep op de tenen trapt. De strijd voor stemmen is er dan ook een op het scherp van de snee, zeker aan linkerzijde met een PS die wankelt en die de hete adem van de PVDA-PTB in de nek voelt.

De aanval van de PS op Gadaleta kan dan ook best gezien worden als een electorale slag onder de gordel. In de moderne politiek geen uitzondering, maar daarom niet minder verwerpelijk en een zoveelste symptoom van een systeem dat stilaan palliatieve zorgen verdient. Wat mij echter nog meer stoort is de reactie van de heer Abou Jahjah. In een tweet eist hij het ontslag van mevrouw Gadaleta bij haar partij.

Amper een maand geleden was Jahjah nog het middelpunt van een literaire rel waarbij een aanzienlijk aantal auteurs van de De Bezige Bij zijn ontslag eisten omdat er een boek onder zijn naam uitkwam onder de vlag van ‘hun’ uitgeverij. Zij eisten de verscheuring van zijn contract en een ban op het boek. De polemiek was hevig en niet steeds even beschaafd. Ondanks het feit dat ik het vaak niet eens ben met de standpunten van AJJ en ik mij enorm stoor aan zijn dwangmatige neiging om elke storm in een glas water op provocatieve wijze aan te zwengelen tot orkaanproporties, is het nooit in mij opgekomen om op te roepen tot zijn ontslag. Integendeel zelfs, het siert De Bezige Bij dat ze ook kansen geeft aan minder evidente boeken. Vanuit die wetenschap vind ik het dan ook kortzichtig en vooral laag bij de grond om een ontslag te eisen naar aanleiding van een boek dat haaks op zijn visie staat. Ik hoop dan ook dat zowel Groen als Ecolo meer openheid tonen voor een beschaafd geformuleerde, doch niet te verwaarlozen mening, die waarschijnlijk atypisch klinkt in eigen kringen, dan voor die eeuwige schreeuw van gratuite verontwaardiging

schermafbeelding-2016-12-07-om-20-38-10

Pleidooi voor een ongezonder leven

De gebreken. Ik begin graag bij de gebreken. Dan hebben we dat alvast gehad. Roken, drinken, beetje angststoornis, een milde vorm van smetvrees, een halve kilo burn-out of bore-out of hoe het ook mag heten. Ik heb het allemaal achter de rug. De meeste van mijn demonen zijn getemd. Of op zijn minst aan een winterslaap bezig. Dood verklaar ik ze nooit, dat durf ik niet. Alleen dat drinken probeer ik nog te beperken. Daar was ik al mee bezig voor het als nieuwste doemscenario werd opgevoerd. Ik vond altijd dat mijn alcoholconsumptie wel meeviel. In het licht van de laatste nieuwe bevindingen mag ik ook die illusie horizontaal klasseren. Het is ook helemaal niet mijn bedoeling om dat allemaal te bagatelliseren. Geloof mij vrij. Maar het helpt verdomme ook niet om zowat alles wat een mens eventjes uit de sleur van het dagelijks leven laat breken, terug in zijn gezicht te duwen met de vermelding dat hij zijn leven op het spel zet. Van leven ga je dood, dat klopt. Alcohol en roken zijn slecht, dat weet iedere kleuter tegenwoordig al nog voor hij helemaal zindelijk is. Ik beperk mijn vleesconsumptie, maar kan het niet laten om mijn tanden af en toe nog eens in een sappige steak te zetten. Mag dat? Mag ik alstublieft ook nog eens gewoon genieten? Bewust of onbewust zondigen en daar oprecht een goed gevoel aan overhouden? Het lijkt wel alsof er bij alles wat ik tegenwoordig doe iemand met een spiegel van achter een hoek springt om die mij, waarschijnlijk met de beste bedoelingen, belerend voor te houden. Geloof je mij als ik zeg dat dat ook allemaal niet goed is voor mijn mentale gezondheid?

mirror

Cordon bleu bleu

Op het eerste zicht heeft het cordon sanitaire twee heel opvallende raakpunten met het Zwarte Pietendebat. Om de zoveel tijd steken ze de kop op en hoe langer het duurt voor we er een oplossing voor vinden, hoe vuiler de polemiek rond beide hangijzers lijkt te worden. Wat rest is een non-debat, een scheldpartij die haast iedereen die er in meegezogen wordt uiteindelijk in het verdomhoekje van ofwel racist ofwel politiek correcte mierenneuker drumt. Nuance lijkt het doodgeboren kind van deze tijd. Ik heb mijzelf dan ook gedwongen de Pietenkwestie vanaf nu blauw blauw te laten (pun intended). Niet omdat ik er geen mening over heb, wel omdat ik het psychotische getouwtrek tussen cultuur en kolonialisme beu ben. Bovendien leidt het in het slechtste geval enkel tot meer polarisatie en in het beste, wie het ook haalt, hoogstens tot een pyrrusoverwinning.

Het cordon lijkt mij een meer aangewezen struikelblok. Zeker nu een rondvraag bij 3.500 partijleden van N-VA, CD&V, Open Vld, Groen en sp.a ons leert dat een aanzienlijk deel van het centrum en de rechterflank aangeeft dat ze het eigenlijk liever afgeschaft zien. Zoals zo vaak speelt eigenbelang hier een grote rol. Vooral voor N-VA kan de politieke inzetbaarheid van Vlaams Belang dienst doen als een spreekwoordelijke rode knop; zet ons niet buitenspel of we laten de honden los. Hoewel ik oprecht geloof dat het geestelijke vader Jos Geysels er echt om te doen was de beerputten niet te laten overstromen, is het misschien niet slecht om dat cordon na dik twintig jaar eens in het licht te houden en te kijken wat het heeft opgebracht.

In mijn ogen werkt democratie niet enkel wanneer het een bepaalde groep goed uitkomt, dat is zelfs de essentie, hoe hard ik de uitslag van bepaalde verkiezingen soms ook betreur. Het ongeldig verklaren van iedere stem voor het Belang, wat het cordon de facto doet, komt mij ondemocratisch en contraproductief over. Het verschaft het Belang een geuzenimago en lijkt racisme zeker niet in te dijken, met die trieste bewijslast worden we dagelijks genoeg geconfronteerd. Mij lijkt het dan ook simpel: ofwel veroordeel je een partij of bepaalde van hun vertegenwoordigers op basis van bestaande juridische argumenten en sluit je ze uit van verkiezingen, ofwel laat je ze deelnemen en neem je hun stemmen serieus. Wat we vandaag hebben is een vehikel dat ons toelaat om de stemmen van het Belang, en tegelijkertijd een groot deel van de problemen die ze aankaarten, onder de mat te vegen. Dat laatste enkel met het excuus dat het Belang ze aanbrengt, en ze bijgevolg geen aandacht verdienen. Dat struisvogelgedrag heeft er mee voor gezorgd dat er al die jaren serieus wat schimmel groeide onder die mat. Het cordon moest ten dele dienen om ons te beschermen tegen extreme en onmenselijke ‘oplossingen’ voor bestaande problemen. In de praktijk hebben de democratische partijen het echter jarenlang vertikt om die zaken aan te pakken en zodoende het Belang de poten van onder hun stoel te zagen. Het cordon sanitaire is in mijn ogen dan ook ontstaan vanuit een goedbedoelde, doch enigszins krampachtige reflex die langzaam veretterde in een flagrant geval van schuldig verzuim. Die schande kunnen we trouwens niet op het Vlaams Belang afschuiven, die verpletterende verantwoordelijkheid ligt enkel bij de politici die meer dan een kwarteeuw de tijd hebben gehad om een cordon in 2016 in de praktijk overbodig te maken.

cordonbelu